Grote mensen huis: Even aan mijn moeder vragen..

Op vrijdagavond sta ik in de gang mijn schoenen aan te trekken voor een bezoekje aan de supermarkt, als de deurbel gaat.

Voor de deur staat een jongen van begin 20. Hij heeft een Oxfam Novib jas aan en een keykoord om zijn nek met een pasje eraan, die hij naar mij uitsteekt. “Hallo mevrouw! Ik ben Simon van Oxfam Novib!’ , grijnst hij vrolijk.

‘Pff’, denk ik bij mezelf, ‘daar gaan we weer’. Sinds wij in dit grote mensen huis wonen worden we overspoeld door mensen die iets van ons willen. Internet, energie, isolatie; ze willen het allemaal aan ons verkopen. En dan heb ik het over de goede doelen nog niet eens gehad.

Hoewel Simon er best aardig uit zien, ben ik dus niet al te blij met zijn komst. Hij laat zich door mijn lauwe reactie echter niet uit het veld slaan.

‘Bent u de hoofdbewoner van dit pand ?’ vraagt hij.

‘Ja dat ben ik. Waarom vraagt iedereen dat? Zie ik er zo jong uit dan?’ antwoord ik semi-verontwaardigd.

Simon is namelijk al de zoveelste die me deze vraag stelt.

Mijn antwoord komt er chagrijniger uit dan ik het bedoel, en zodra ik de woorden eruit heb geflapt heb ik eigenlijk al spijt. Simon verschiet van kleur. ‘Nouja, ja, nee,een beetje, maar dat is niet iets slechts hoor’ , hakkelt hij ‘maar je had toch ook nog bij je ouders kunnen wonen ofzo..’

Ik glimlach toegefelijk. ‘Dat had gekund ja.  Vertel, wat kan ik voor je doen? ‘

Simon begint een omslachtig verhaal over vluchtelingen en noodopvang in Syrië. Oxfam Novib wil georganiseerde hulp bieden aan de Syrische grens.

‘Alleen Syrië? Niet voor vluchtelingen in andere landen?” vraag ik. ‘Ja, nee, dit is dan alleen voor Syrië ’, zegt Simon. ‘Wat vind je daarvan, van de situatie in Syrië?’

Ik kijk hem even nadenkend aan. Hoezo, ‘wat vind ik van Syrië’? Wat moet ik daarop zeggen? Ik heb helemaal geen zin om met Simon een gesprek te voeren over Syrië, ik wil boodschappen gaan doen. Daar komt bij dat hij dit alleen maar vraagt om mij vervolgens te dwingen ergens geld voor te doneren. Maar ik kan toch ook moeilijk zeggen dat het me niks boeit om van het gezeur af te zijn?

‘Ja, dat vind ik verdrietig’, antwoord ik uiteindelijk wat onwillig. ‘Maarre Simon, ik sta eigenlijk op het punt om weg te gaan, dus kan je me vertellen wat je van me wil? ‘

Simon vervolgt haastig zijn pitch. Hij wil dat ik een handtekening geef waarmee ik zeg dat ik ook vóór hulp in Syrië ben. Owja, en daarbij moet ik dan elke maand 7 euro doneren.

‘Maar je kan ook eenmalig doneren hoor’, zegt hij vlug. ‘Dan moet je na één keer je donatie gewoon weer stop zetten’.

‘Oké, maar ik kan niet nu al zeggen dat ik eenmalig doneer? ‘ vraag ik ongelovig. ‘Als ik niks doe zit ik dus vast aan een abonnement? ‘

Ja, dat heeft mevrouw goed gezien.

Wat stom. Ondanks mijn ‘weer een verkoper’ irritatie was ik tijdens het gesprek Simon namelijk wel sympathiek gaan vinden. En zijn goede doel ook wel goed. Dus eigenlijk stond ik op het punt om hem wat te geven en dan met een goed gevoel naar de winkel te gaan. Maar een abonnement van zeven euro per maand…

‘Sorry Simon, maar dat doe ik niet’, antwoord ik resoluut. ‘ ik wil je best een handtekening en zeven euro geven, maar ik ga hier geen abonnement afsluiten dat ik dan vergeet op te zeggen en waar ik aan vast zit’.

Simon kijkt me aan alsof ik net een puppy een schop heb gegeven.

‘Maar ik mag hier geen zeven euro aannemen’, zegt hij beteuterd. ‘Kan je niet iemand anders vragen om dan het abonnement weer voor je op te zeggen?’

Ondanks mezelf schiet ik in de lach om zijn vasthoudendheid. ‘Nee, dat gaat niet gebeuren. Sorry, maar ik ga het niet doen. Dus je kunt je geluk beter beproeven bij de buren, en ik ga naar de winkel. Doei!’

Nadat Simon is afgedropen doe ik (eindelijk) mijn andere schoen aan. Het is wat met die deur-tot-deur verkopers. Ik weet dat ze gewoon hun werk doen (sterker nog, ooit verkocht ik zelf zo ook sportschool abbonementjes) maar het begint met wel in toenemende mate te irriteren. Ik wil zelf bepalen wanneer ik iets aan een goed doel geef. Dus zeg ik nu op heel veel dingen nee, maar voel ik me daarna weer schuldig. Simon zal me nu wel een gierige bitch vinden.

En dat wil ik helemaal niet zijn. Lastig hoor, ‘hoofdbewoner’ zijn. Blijkbaar hoort dit bij het hebben van een koophuis; in ons appartementje hadden we zelden mensen aan de deur.  En vroeger kon ik gewoon tegen deurverkopers zeggen ‘dat ik mijn moeder wel even haalde’.

Als ik in de auto naar de winkel rijd passeer ik een groepje verkopers van Oxfam Novib. Simon loopt er ook bij. Hij kijkt op en zwaait even. Misschien vind hij me toch niet zo heel stom.

Of zal ik de volgende keer  dat er iemand voor de deur staat toch gewoon zeggen dat mijn moeder helaas niet thuis is?

 

 

 

Geschreven door

4 Reacties

  • Bernette

    Oh de herkenbaarheid! Nu woon ik wel nog thuis, maar ook hier irritatie van straatverkopers.
    Toppunt was degene die vond dat ik bést drie euro per maand kon missen, ondanks dat ik momenteel geen baan heb. Hij bood me toen aan dat er nog vacatures waren tot straatverkoper. Mét meer dan riant salaris. Toen heb ik maar gevraagd of hij niet drie euro per maand voor mij wilde betalen, want met dat salaris moest ie dat toch wel kunnen missen volgens mij. Daar had hij geen weerwoord op en hij droop af. Zonde van mijn tijd en van zijn tijd. Volgende keer toch maar meteen zeggen dat ik toch écht niet de hoofdbewoner ben en ook geen interesse heb!

    • Maaike de Vries

      Pff haha Bernette, dat is helemaal bizar! Over straatverkopers kan ik ook nog wel wat verhalen schrijven, die zijn meestal nog veel hardnekkiger he? ;-).

  • Estelle

    Zo heb ik eens een verkoper gehad die na mijn ‘ja’ op zijn ‘bent u de hoofdbewoner?’ vroeg of ik dat zeker wist ^o)
    Oja en ook een die stelde dat als mensen vergaten het abonnement op te zeggen, dat indirect inhield dat ze het dus konden missen… En toen was ik een goed doel en zij een donateur rijker 😉

    • Maaike de Vries

      Dan heb je volgens mij helemaal de neiging om te zeggen ‘ow nee, grapje, bij nader inzien ben ik dat toch niet’, of niet Stel? 😀

Geef een reactie