‘Uw profiel sluit goed aan op de volgende functie..’

“Oke, helemaal goed, tot dan!”

Ik hang op en blijf even verdwaasd naar mijn telefoon staren. Gebeurt dit echt? Ik maak dan wel graag grapjes over ‘recruiters die me bellen om me een fantastische baan aan te bieden’, maar ik had er nog nooit daadwerkelijk 1 aan de lijn. Tot vandaag.

Ik haal mijn hand door mijn haren. Ons leven ‘na de reis’  begon net weer zijn normale vorm te krijgen. Na het aanvankelijke gekkenhuis zijn weer op de rit: de was is weggewerkt, de tassen zijn uitgepakt, ons sociale leven weer opgepakt en Twinkel ligt weer te spinnen in zijn bakje. Business as usual.

Vanochtend is Joris al gapend in alle vroegte vertrokken naar zijn eerste werkdag sinds drie maanden. Ik zit dus in een rustig huis en gebruik deze ‘gewone’ dag om werk gerelateerde dingen op een rijtje te zetten: linkedin profiel updaten, oud collega’s bellen. Mijn gedachten ordenen over mijn ondernemende plannen. Ik hang net een oud collega op die enthousiast belooft om me in contact te brengen met een start-up coach, als mijn telefoon weer gaat.

Een recruiter, zo blijkt, die bij mij terecht is gekomen na een verwijzing van mijn lieve vriendinnetje Sylvie. En iemand zoekt voor een functie die leuk klinkt. Een functie die bij mij zou kunnen passen. Of ik interesse heb om hierover door te praten?

Verward schud ik mijn hoofd. Het is echt niet te geloven. Het afgelopen half jaar heb ik geregeld vacatures bekeken. Oriënterende gesprekken gevoerd. Stond ik heel erg open voor een nieuwe baan ‘na onze reis’, maar kwam ik weinig leuks tegen. Nu zijn we net terug, zit ik vol plannen en ideeën.. En krijg ik ineens dit telefoontje.

Mijn hersenen maken overuren terwijl ik het zojuist gevoerde gesprek in mijn hoofd nog eens doorloop. Opzich zoek ik wel een baan, want van mijn leuke ondernemende idee kunnen wij onze huur (nog) niet betalen. Daarbij wil ik ook graag weer aan de slag. Maar ik had me wel een beetje ingesteld op een paar weken rustig zoeken en praten, zodat ik daarnaast serieus kan kijken of mijn eigen bedrijf meer is dan een leuk idee. En het liefst wil ik een baan voor maximaal 4 dagen per week, om ook mijn andere dromen tijd en aandacht te blijven geven.

De functie waar de recruiter me over belde klonk niet als iets voor 4 dagen.  Een mooie functie, maar ook een pittige. Een uitdaging, full-time. Niet iets waarnaast je ‘even’ een eigen bedrijf opzet. Is dit wat ik nu wil? Raak ik nu, nog maar amper terug in Nederland, gelijk in een enorm luxe probleem verzeild waarbij ik moet kiezen tussen twee niet verenigbare toekomst scenario’s?

‘Ach’, spreek ik mezelf streng toe, ‘Misschien valt er best een mouw aan te passen. En met 1 keer met een recruiter praten ben je nog niet aangenomen. Misschien wordt het überhaupt helemaal niks, vind je het niks. Of vinden ze jou niks.’

Na deze opbeurende woorden aan mezelf sla ik mijn agenda open. Later deze week ga ik op gesprek en daarna zien we wel weer. Nu alleen nog even bedenken wat ik aantrek…

The best way to do it…

Met mijn heup probeer ik de slaapkamerdeur open te duwen, daarbij de overvolle wasmand moeizaam tegen me aan klemmend. Door de kier van de deur zie ik een stukje van de gang, die bezaaid is met schoenen,tassen en stapels papier. Uit de woonkamer komt een aanhoudend gezoem: iemand probeert al enige tijd om mij of Joris te bereiken. ‘Maaik’, schreeuwt Joris uit de badkamer, ‘gaan we nou zo de auto’s ophalen of wordt dat toch morgen?!’

Home sweet home. Na 3 maanden wereldreis zijn we weer thuis en het dagelijks leven komt als één grote stortvloed op ons af. Ik was, in de luxe en rust van idyllische eilandjes en uitgestrekte woestijnen, een beetje vergeten hoe overweldigend het Nederlandse leven kan zijn. We zijn terug, en we draaien ‘dus’ weer gelijk op volle toeren mee.

Met een steekje van heimwee denk ik terug aan vorige week, toen we nog heerlijk in New York zaten en ons leven enkel werd bepaald door de vragen ‘wat gaan we doen vandaag’ en ‘wat gaan we vandaag eten’. Thuiskomen is leuk, maar ook weer even wennen.

Nadat het me is gelukt heelhuids met was en al bij de wasmachine  te komen, zet ik de was aan en loop terug door de gang. Mijn oog valt op een stuk papier dat uit mijn reistas piept. Ik trek het eruit, bekijk het en glimlach.Op reis heb ik wat krabbels gemaakt met ideeën voor een eigen bedrijfje.

Ik heb altijd al willen ondernemen. Als kind struinde ik de straten af om de buren mijn zelf bedachte koopwaar (bv bloemen geplukt uit hun eigen tuin- dat zei ik er dan niet bij) aan te smeren.
Later maakte ik als studente plannen om met een vriendin een eigen schoenenlijn op te zetten. Ik had grote voeten – Zij een studie bedrijfswetenschappen, en daarmee was ons idee geboren. De plannen bleven altijd plannen: luchtbellen die even groot werden opgeblazen, maar daarna langzaam wegwaaiden in de drukte van alledag.

Sinds deze zomer heb ik weer zo’n plan. Het ontstond in de zomervakantie en bleef hangen. De afgelopen reis heb ik het plan regelmatig besproken, overdacht en verder opgepoetst. De krabbels op het briefje geven aardig weer wat ik voor ogen heb.

Onderaan het briefje heb ik een citaat geschreven dat ik uit de Amerikaanse Cosmo heb opgeduikeld. In de Cosmo stond, hoe toepasselijk, een stuk over succesvolle vrouwelijke ondernemers en één van hen citeerde Amelia Earheart: “The best way to do it… Is to do it’.

Ik staar even naar het papier. Dromen zijn prachtig, maar het is zo makkelijk om je frisse plannen weer te vergeten…Te laten verdwijnen in een zee van ‘ja maar’ en ‘geen tijd’. En zeker als je een perfectionistje bent als ik, is er altijd een reden om niet te beginnen.

Joris loopt de gang in. ‘Wat doe jij nou? Ik wacht op je!’. Ik werp hem een lachje toe en steek  het papier in mijn zak. Als je net thuis bent gaan de praktische dingen voor. Maar deze droom.. is nog niet vergeten.