weëen Tag Archives

Doei zwangerschap…Hallo dochter!

Hoi allemaal, het was hier even stil… Omdat ik een beetje werd afgeleid door de komst van een kleine dame. De komst van ONZE kleine dame!  Haar komst brengt een stortvloed van emoties, gebroken nachten en tijdgebrek met zich mee, waardoor ik zoveel te vertellen heb en zo weinig tijd om alles  op te schrijven. Maar ik ga een begin maken. En dat verhaal begint, natuurlijk, bij de dag waarop ik moeder werd… (geen zorgen, ik heb de enge details weggelaten)

Hoe De Bevalling dan toch echt begon
We weten allemaal hoe het verhaal van een moeder begint… Voor er een baby komt, is er eerst een bevalling. Naar die bevalling leefde ik al een poosje toe, zoals mijn zwangerschapsdagboeken getuigen. Woensdag 21 december gingen we naar bed. Ik had er net wat heerlijke rustige uurtjes slaap opzitten, toen ik rond 3 uur ‘s nachts werd ik wakker werd met kramp in mijn buik. Nu had ik de hele week al regelmatig kramp, dus ik besteedde er niet al te veel aandacht aan en probeerde weer te gaan slapen.

Dat lukt niet: een uur lang lig ik te doezelen en te wachten op die krampen (voor allen die wel vrouw zijn, maar nog nooit bevallen: een soort ongesteldheidskramp XL). Na een uur heb ik door dat er een ritme in de krampen zit. Ik maak Wouter wakker. “Schat, ik heb weeën, maar voor hetzelfde geld zijn het weer voorweeën”, fluister ik. “Dus geen idee of het nu echt gaat beginnen of niet. Ga maar weer slapen.”. Wouter mompelt iets en draait zich op zijn andere zijde. Hij lijkt nog niet al te gealarmeerd. Logisch ook, met al die valse alarmen van mij. “ Het zou eigenlijk wel handig zijn als mijn vliezen braken ofzo”, voeg ik er nog aan toe. “ Dan weet ik tenminste zeker dat Het Begint”.

Twee minuten later draai ik me om… En voel ik een plop en ´vloesch’(sorry, minder plastisch valt het niet te omschrijven). “Schat! Mijn vliezen zijn gebroken!” roep ik half verrukt, half bang. Wouter denkt een halve seconde lang dat ik een grapje maak, laat het nieuws even bezinken en staat dan naast het bed.

Hartslag van moeder en dochter: check
Daarna gaat alles in een sneltreinvaart. We concluderen dat het vruchtwater dat we zien bruinig is, wat betekent dat Mimi erin heeft gepoept. Ik schrik: poep in het vruchtwater kan betekenen dat Mimi het niet goed maakt. Het betekent ook dat mijn bevalling ‘medisch’ wordt: ik moet bevallen in het ziekenhuis onder supervisie van een gynaecoloog. Wouter belt de verloskundige, die meteen komt en onze diagnose bevestigt. We moeten de auto in en direct naar het ziekenhuis.

Om half 5 in de ochtend strompelen we het ziekenhuis binnen. Ook hier gaat alles snel: men draagt me op te gaan liggen op een bed, Mimi en ik krijgen een hartslagmeter om en er worden wat checks gedaan. Gelukkig: alles blijkt er goed uit te zien voor ons beiden. Vervolgens worden we achtergelaten op de kamer, samen met onze verloskundige Miriam (die officieel niks meer mag doen, maar zo lief is om te blijven en mij een beetje aan te moedigen) piepende hartslagmeters en steeds heftiger wordende weeën. Omdat ik aan de hartslagmeter lig kan ik moeilijk van het bed af en daardoor al mijn “Samen Bevallen” houdingen niet in de praktijk brengen. Beetje jammer. De ademhalingsoefeningen blijken echter wel handig te zijn om de ergste weeën op te vangen.

Zo komen we de daarop volgende uren door. Net als ik begin te denken dat het toch wel serieus veel pijn doet en ik er niet veel zin meer in heb, komt er weer een check en goed nieuws:  Ik heb volledige ontsluiting (which means: de baarmoedermond staat ver genoeg open om Mimi te lanceren) en daarmee toe aan de laatste fase van de bevalling!

De spannende slotfase
“Ow my god, ik ga zo mijn kind zien”, schiet er door me heen. Na al die maanden van afwachten is het nu zo ver en ergens kan ik nog steeds niet geloven dat er zo meteen een echte baby uit mijn buik komt. Veel tijd om daarover na te denken heb ik niet, want gelijk na de volgende wee ontstaat er paniek in mijn kamer. Mimi’s hartslag daalt teveel tijdens de wee en komt daarna ook niet meer op het oude niveau. De kamer vult zich razendsnel met mensen (verloskundige, gynaecoloog in opleiding, echte gynaecoloog, kinderarts), ik krijg opdrachten toegeworpen en worden wat hulpmiddelen in de strijd gegooid. Ik laat alles over me heen komen en doe braaf wat me wordt opgedragen. Ondanks de vele mensen in de kamer ben ik zelf rustig: iedereen lijkt te weten wat ze moeten doen en zijn bezig met onze Mimi.

Doei Mimi, hallo.. Lauren!
En dan, na een bevalling van zes uurtjes, is ze er: ik voel van alles verschuiven vanbinnen (een kind krijgen kan echt onmogelijk gezond zijn) en dan wordt er een warm bundeltje op mijn buik gelegd. Het plakt, het schreeuwt en ik ben verbijsterd. Een baby, een best wel grote baby ook nog! Waar heeft zij zich al die maanden in mijn bescheiden buikje verstopt?

Terwijl om ons heen mensen weer de kamer verlaten, inclusief hun couveuzekarren, tangen, spuiten en andere entourage (“De baby huilt, dus het zal wel goed zijn”), kijk ik omlaag naar een rood aangelopen bolletje en twee samengeknepen blauwe oogjes. Ze is één en al leven en verontwaardiging, hoe ze daar hikkend en snikkend op mijn buik ligt.

En ik kijk en kijk en ik denk een paar dingen tegelijk:
“Het is een baby! En ze leeft!”
“Ze is wel een beetje vies en bloederig”
“Thank god, die bevalling is voorbij. Maar het viel eigenlijk best mee zeg, lekker snel!”
“Ik heb echt enorme dorst”
“Hee, ik ben aan het huilen, en Wouter ook”

Ik wist niet dat ik op dit moment suprême zulke aardse dingen kon denken. Maar terwijl al dat tegelijk voorbij raast in mijn hoofd, is er één gedachte die overheerst: “Hallo kleine meid… Je bent er pas net en ik houd nu al van je. En dat zal ik altijd doen”

Is die vertedering, verwondering en liefde dan wat ze bedoelen met “moedergevoel”?

Ineens is er geen conceptuele Mimi meer, maar onze eigen meisje Lauren. En daar,  op 22 december om 09:57 uur in het ziekenhuis, begint de eerste dag van mijn leven als moeder.

In het vervolg lezen jullie hoe het ons in de kraamweek vergaat en  hoe de wereld  met de komst van Lauren ineens compleet op de kop staat.

De eerste en de laatste babyfoto
Ow, trouwens: om Lauren voor te stellen, komt er bij deze blog een foto van haar. Dit is echter ook gelijk de laatste: de volgende blogs zien jullie ongetwijfeld nog plaatjes van mij, Wouter en andere babystuff, maar de dame zal niet (vaak) herkenbaar in beeld komen.  Lauren heeft namelijk niet gevraagd om een bloggende moeder en ik wil voorkomen dat ze straks tig keren op internet te vinden is. Daarbij blijft mijn blog, mijn blog, en geen “ik gooi je dood met kinderfoto’s” blog.  Ik blog over mijn leven, niet over Laurens leven. En hoewel het moederschap nu vast en zeker een belangrijk onderwerp wordt, blijven dat mijn gevoelens en mijn verhalen. Vandaar. Maarre… Mooi is ze he?  😉